De orgels in ons kerkgebouw

In 1948, het jaar waarin in het gebouw van Christelijke Belangen aan de Kosterstraat in Vaassen voor onze gemeente het kerkelijk leven begon, kon gebruik gemaakt worden van een ‘harmonium’. Op voorstel van de preses van de kerkenraad werden in mei 1950 de eerste organisten officieel benoemd: De heren van Mechelen en Eigenhuis. Deze heren kregen tevens als taak het ritmisch zingen ter hand te nemen.

In 1952 was er door de vele technische mankementen niet meer behoorlijk op het orgel te spelen. Er moest snel iets gebeuren. De bouwplannen voor een eigen kerkgebouw kwamen door deze onverwachte tegenvaller zelfs op de tocht te staan. De onrust die ontstond, werd echter snel opgelost. Br. In ’t Hout kon in de volgende kerkenraadsvergadering meedelen dat het bestuur van Chr. Belangen besloten had een nieuw orgel in de zaal te plaatsen. Om moeilijkheden in de toekomst voor te blijven werd in 1955 een ‘Orgelfonds’ in het leven geroepen. In 1965 werd een Eminent elektronisch orgel aangeschaft, bekostigd uit het orgelfonds.

In verband met de bouw van ons kerkgebouw werd het orgel weer een belangrijk punt van bespreking tijdens de kerkenraadsvergaderingen. Er werd een orgelcommissie samengesteld, bestaande uit Mw. W. in ’t Hout en de heren Brummelkamp Jr., Eskes, Jansen en Ouwens. Inmiddels werd in 1967 ons kerkgebouw De Tabernakel in gebruik genomen. Het elektronisch orgeltje deed in de eerste tijd nog steeds dienst, maar het schoot tijdens de gemeentezang tekort in volume.

De orgelcommissie kreeg de opdracht nieuwe mogelijkheden te onderzoeken. Als adviseur werd de heer Heijmen van ’t Einde, de organist van de N.H.-kerk, aangesteld. Men kwam tot het besluit om een orgel te laten bouwen van gebruikte onderdelen tegen een haalbare prijs. Als orgelbouwer werd de fa. Koch uit Apeldoorn gekozen. Na goedkeuring van de kerkenraad werd een orgel gebouwd dat aan de toen gestelde eisen voldeed. In 1968 werd het Koch-orgel officieel in gebruik genomen.

Eind jaren tachtig werd het opnieuw duidelijk dat het orgel hard aan vervanging toe was. Opnieuw werd een orgelcommissie samengesteld, bestaande uit de dames W. in ’t Hout en J. van Liere en de heren W. Verhaagen, J. Bosman, J.C. Flach, C. Groot, E. Hooghordel en A.L. Pierneef. De commissie kwam in contact met de heer Kriek uit Didam, die informatie over gebruikte orgels kon verschaffen. Hij wist voor Vaassen een orgel in gedemonteerde staat te koop. Het betrof een Engels Foster & Andrews-orgel, gebouwd in een Engelse kerk in 1885. Dit orgel was bij de sluiting van die kerk in zijn geheel gedemonteerd en uiteindelijk naar Nederland verscheept.

Op 14 januari werd op een gehouden gemeenteavond beslist om het orgel aan te schaffen. De gemeente ging akkoord met de opbouw en restauratie in eigen beheer. In een schoolgebouw in Epe konden door een grote groep vrijwilligers de diverse onderdelen worden schoongemaakt en opgebouwd. Daarna volgde de afbraak van het Koch-orgel in De Tabernakel en de opbouw van het Foster & Andrews-orgel. De gezamenlijke inspanning (ca. 4500 manuren werk) en de diverse acties om de financiën (totaal zo’n ƒ 50.000,–) voor elkaar te krijgen gaven een goed gevoel van samen gemeente-zijn.

Het Foster & Andrews-orgel – met in het front de Alpha en Omega tekens (de eerste en de laatste) – werd in het najaar van 1992 feestelijk in gebruik genomen.

Voor liefhebbers van orgels met belangstelling voor de techniek ervan het volgende: Er werd een boekje geschreven over orgels in onze kerk door Mw. W. in ’t Hout en E. Hooghordel en C. Groot. De totel luidt: “Er staat een orgel in de kerk”.