De afzetting van Peregrinus van Heerde

Het vervolg.

Zoo reisde dan de pastoor weer naar Vaassen, overdenkende de vele dingen, waarover hij ondervraagd was, zijn bezwaren tegen Catechismus en eventueele schorsing of afzetting, als­mede ook het feit, dat hij bij de ondervraging over de Wet samen met zijn collega’s uit Oene en Heerde het niet eens kon worden over het nieuw-testamentisch priesterambt, voor zooveel het offer aangaat.

Na twee maanden werd hij weer opgeroepen, doch behoefde nu niet ver te gaan, aangezien er particuliere Synode werd gehouden te Nijbroek, den elfden september 1592. Daar heeft hij met de andere bezwaarde pastoors het twaalfde artikel onderteekend, doch het punt over den Catechismus nog aangehouden tot verdere overweging. Het Roomsch-Katholieke kerkrecht had hij dus laten varen, doch de ge­reformeerde leer was hij nog niet geheel toegedaan. Dat dit vastloopen moest, is te begrijpen, te meer daar de politieke kansen voor Oranje steeds gunstiger werden, en het Hof van Gelderland derhalve als voedsterheer voor de Kerk optrad.