Verdere beschrijving van het nieuwe orgel

Windladen

Het orgel heeft zes windladen gekregen, twee voor elk klavier en twee voor het pedaal.

Voor het onderpositief werden twee gereviseerde eiken windladen gebruikt. Deze zijn voorzien van nieuwe sluitringen. Ook zijn voor deze windladen nieuwe pijpstokken, pijproosters en slepen gemaakt. Op de ventielen is een dubbele laag nieuw leer aangebracht. De windladen werden voorzien van nieuwe geitenleren pulpeten met fosforbronsen trekdraden.

Voor het hoofdwerk en pedaal zijn vier nieuwe eiken laden gemaakt. De verhoudingen in de windladen zijn zo berekend, dat er voldoende wind door de cancellen kan stromen. Hierdoor wordt een goede aanspraak van alle registers bewerkstelligd. De ventielen zijn van red ceder gemaakt en zijn dubbel beleerd. Voor de ventielveren is een speciale messingdraad gebruikt. De eiken slepen van de windladen zijn behandeld met een speciale was, waardoor ze superglad worden en de registers dus gemakkelijk bediend kunnen worden. Op de bovenplaat en aan de pijpstokken zijn sluitringen gelijmd.

 

De mechaniek van het orgel

Het orgel kan bediend worden met de twee nieuwe staartklavieren en een nieuw pedaal.

De beide klavieren hebben 54 toetsen (C tot en met f3). De toetsen van de klavieren zijn van zeer fijn grenen gemaakt. De ondertoetsen werden belegd met been en de boventoetsen met ebben. De diepgang van de toetsen is 9 à 10 millimeter.

Het pedaal heeft 27 toetsen en een bereik van C tot en met d1. Het pedaal is helemaal van eiken gemaakt.

Ook de orgelbank is van eiken.

De welborden, weldokken en welarmen zijn van eiken vervaardigd. De abstracten van red ceder. De uiteinden zijn met linnen omwikkeld om inscheuren van de abstracten te voorkomen. Waar het, vanwege de korte afstand, niet mogelijk was om abstracten te maken is fosforbronsdraad gebruikt. Dit draad is ook voor de koppelingen gebruikt. De stelmoertjes in de mechaniek zijn van leer gemaakt.

Ook zijn alle winkelhaken en balansen van eiken gemaakt. Deze worden in stevige eiken winkelbalken bevestigd. Het houten speelmechaniek dat hiermee is ontstaan oogt ambachtelijk en is bijna onverslijtbaar. Om een fijn toucher te krijgen werden de mechanieken zo min mogelijk ingevoerd.

Het orgel heeft 3 koppels, een gedeelde manuaalkoppel en twee pedaalkoppels.
De registermechanieken zijn gemaakt met ijzeren walsen. De verbindingstukken werden gemaakt van eiken. De registertrekkers hebben een donkere knop met daarin een porseleinen plaatje met het registeropschrift.

 

De windvoorziening

De bestaande windmachine en (magazijn) balg werden gehandhaafd. De windkanalen werden vernieuwd en gemaakt van grenen. Deze zijn voldoende groot om te zorgen voor een goed windtransport. Er is daarbij gestreefd naar ‘levende’ orgelwind. Dit geeft een mooiere toon.

De tremulant werkt voor het gehele orgel. Door de orgelwind wat te laten varieren van druk krijgt het orgel een wat golvende toon.

 

De orgelkas

De oude orgelkas is gebruikt. Deze is, toen het orgel was gedemonteerd, behandeld tegen houtworm. De orgelkas is opnieuw bijgewerkt en geschilderd. Bij het schilderen zijn de versieringen met palissanderbeits bewerkt om deze beter te laten uitkomen.

 

Het pijpwerk

Het aanwezige frontpijpwerk is vervangen door nieuw. Een deel van de orgelpijpen was van zink gemaakt, andere van dunwandig orgelmetaal. Een gedeelte bestond uit houten imitatiepijpen.

De frontpijpen zijn nu van tin gemaakt. Deels maken ze deel uit van de prestant 8 voet-register van het hoofdwerk en prestant 4 voet-register van het onderpositief. Een aantal pijpen kan niet worden bespeeld. Deze pijpen dienen om het front te completeren.

De binnenpijpen zijn voor een groot deel afkomstig van het oude orgel. De  opnieuw gebruikte pijpen werden gerestaureerd. De Quint 2 2/3 en de Cymbel van het hoofdwerk, de Vox Celeste van het 2e manuaal en de octaafbas van het pedaal zijn verwijderd.

Een aantal registers werd toegevoegd.
In het hoofdwerk: Spitsfluit 4 voet, Mixtuur 3 – 4 sterk en Fagot 16 voet.
In het onderpositief: Prestant 4 voet, Flute travers 8 voet, Nasard 2 2/3 voet, Terts 1 3/5 voet.

De pijpen staan zoveel mogelijk direct op de windladen.