Aanstelling orgeladviseur

Als orgeladviseur werd Hans Kriek uit Didam benoemd. Hij was eerder betrokken bij de opbouw van het Foster en Andrews orgel van de Gereformeerde kerk in Vaassen. Daar had men goede ervaringen met zijn adviezen. De kerkvoogdij was vol bewondering over wat men in de Gereformeerde kerk had gepresteerd.

Hans Kriek verrichte op 4 april 1996 een globaal onderzoek naar de staat van het orgel. Hij constateerde daarbij dat het pijpwerk over het algemeen nog van goede kwaliteit is (dat van Armbrost was eigenlijk nog het minste), maar dat een aantal pijpen door stembeurten nogal was beschadigd. De oorspronkelijke windladen en traktuur waren verdwenen. De door elektro-pneumatiek gestuurde kegelladen waren het instrument onwaardig. Het klankbeeld van het orgel noemde hij redelijk en de windvoorziening functioneerde goed. Kriek had het voornemen te onderzoeken in hoeverre de door Reil aangeboden pijpen (afkomstig uit de Lutte) inderdaad van Armbrost waren en in hoeverre deze in Vaassen bruikbaar zouden zijn. Dit voornemen kon door omstandigheden niet worden gerealiseerd.