De orgelbouwer

De orgelbouwer van dit vernieuwde orgel was J.C. Sanders en zoon uit Utrecht. Dit was een orgelbouwer met een goede reputatie, die een groot aantal orgels in onderhoud had en, naar de opvatting van die tijd, veel orgels voorzag van een pneumatische tractuur. Oorspronkelijk had Jacobus Cornelis Sanders (12 september 1858 – 24 maart 1924) het vak geleerd bij de bekende orgelbouwer C.G.F. Witte. Dit was één van de weinige orgelbouwers die zijn knechten een goede opleiding gaf. Sanders schrijft er zelf als volgt over:

De meeste orgelbouwers kunnen er geen leerlingen op na houden. Het is te tijdrovend en omslachtig. Het personeel dat zij daarvoor geschikt achten wordt meestal als hulp meegestuurd met meer ervaren krachten. Zo moeten ze het dan vanzelf leren.

Nadat Witte stopte werkte Sanders eerst voor zijn meer ervaren collega Gerardus Spit. Na het overlijden van Spit (in 1911) zet Sanders, op verzoek van de familie Spit, het bedrijf voort. Eerst onder de naam firma G. Spit, vrij snel daarna onder zijn eigen naam. Hij neemt daardoor veel van de werkzaamheden die Spit voorheen verrichtte over.

Na het overlijden van zijn vader in 1924 zet zijn zoon Jacobus Hendricus Sanders het bedrijf voort onder de naam J.C. Sanders en Zoon. Eén van de eerste werken die hij zelfstandig verrichtte was de verbouwing van het orgel in Vaassen.

In de jaren ´50 neemt de kwaliteit van zijn werk af, wat hem een aantal klanten kost. Vaassen is één van die klanten. Jacobus Hendricus Sanders overleed in 1960. Het bedrijf werd daarna voortgezet door een meesterknechts van Sanders, K.B. Blank. Deze voegde eerst na zijn eigen naam ‘v/h J.C. Sanders & Zn’ toe, maar veranderde na enkele jaren de naam van het bedrijf. Het ging K.B. Blank & Zn heten. Daarna heeft het nog een aantal jaren onder de naam S.F. Blank bestaan. Het bedrijf bestaat werd enkele jaren geleden overgenomen door orgelbouwer van Eeken.