De orgelbouwer

Uit een tweetal bronnen blijkt dat Jacobus Armbrost de bouwer was van ons orgel. Bovendien verwees hij in een offerte, die hij maakte in 1822, naar het Vaassense orgel.

Allereerst blijkt dit uit de jaarrekening over 1824. Daarin werd vermeld dat twee vrachten (orgel)pijpen uit Haaksbergen (waar Armbrost was gevestigd) werden gehaald. Jacobus Armbrost stamde uit een geslacht van organisten en orgelbouwers. Reeds vroeg in de 18e eeuw waren zijn voorouders, net als hij, organist en orgelbouwer in Haaksbergen. Zij kwamen van oorsprong uit Duitsland (waarschijnlijk Westfalen). Jacobus was als orgelmaker actief tussen 1811 (Hij maakte toen een rugwerk aan het orgel van Aalten) en 1851 (toen hij het orgel van Lutten verbouwde). Ook onderhield hij een aantal andere orgels. Van de orgelbouwer Armbrost is verder niet veel bekend.

De tweede bron is “De verzamelde orgelbeschrijvingen” van George Hendricus Broekhuyzen sr. Deze zijn tussen 1850 en 1862 bijeengebracht. In zijn verzameling is ook een beschrijving van het orgel van de hervormde kerk van Vaassen opgenomen. Hij vermelde daarover:

Dat het orgel in de kerk der hervormde gemeente aldaar is gemaakt door Jacob Armbrost te Haaksbergen.

George Hendricus Broekhuyzen sr. was een liefhebber van orgelmuziek. Hij verzamelde daarom gegevens van orgels. Hij deed dit om de werken van Hess en Knock aan te vullen. Deze hadden in 1777/87 een boek uitgegeven met de titel Beschryving der kerkorgelen in Nederland. Hij kwam aan de gegevens door bij het bezoeken van kerken de gegevens van het orgel te noteren. Ook werkte hij met handgeschreven enquête-formulieren die hij aan kerken stuurde. Wanneer een kerk mee wilde werken vulde een vertegenwoordiger van de kerk (vaak de organist) de gegevens in en stuurde deze dan aan Broekhuyzen terug.

 

Uit bewaard gebleven, niet teruggestuurde, beschrijvingen weten we welke vragen hij aan de kerken stelde:

Datum der bouwing van het orgel?

Naam des orgelmakers/vervaardiger(s)

Dispositie of beschrijving van het orgel als:

Hoeveel klavieren en blaasbalgen

Welk pedaal enz.

Zo er vernieuwingen of veranderingen hebben plaatsgehad, gelieve te vermelden: welke, wanneer en door wie.

Omdat het Vaassense orgel in de beschrijvingen van Broekhuyzen zijn opgenomen heeft de hervormde gemeente van Vaassen blijkbaar meegewerkt aan zijn verzoek en het formulier met deze gegevens ingevuld teruggezonden. Ik heb in het archief hier geen afschrift van aangetroffen.

Een aanwijzing dat Armbrost mogelijke het orgel bouwde kwam uit een offerte voor verbouwactiviteiten van het kerkorgel in Apeldoorn. Daarin verwees hij naar het orgel van de kerk in Vaassen. Hij schreef op 11 april 1822 als artikel 5  daarin:

Daar het Positief te veel achter het groote werk lijd, en dit het geluid niet zoo goed zich in de kerk kan versprijden, zoo moet het Positief onder in de kast worden gebragt en dan moet er een tweede front van vier-voets werk onder aan de kast van ’t Orgel worden gebragt, meteen tot siraad van het front van het Orgel: zooals men nu de Orgelkast te Vaassen ziet; zoo een Positiefkast, met zijn frontpijpen, het schilderen, van hetzelfen, en het laten zakken van de windlade, of den inhoud van Art. 5 volkomen in orde te brengen, kost volgens eene opgave van een kastmaker en schilder, de somma van ƒ 165,-.