De orgelbouw (1821-1824)

Ds. G. van der Zee schreef in 1934 in zijn boek over de kerkgeschiedenis van Vaassen:

In het jaar 1820 was er wat groots en goeds ophanden. Men beraamde namelijk plannen om een orgel in de kerk te bouwen. De origineele inteekenlijst is bewaard gebleven en in het boek der gedachtenissen overgeschreven. De geheele som bedraagt ƒ2723,– en 5 stuivers. De begrooting beliep ƒ2843,–, terwijl de kosten ƒ2765,– hebben bedragen. Op 25 februari 1821 werd de eerste organist, Cornelis Oosterwijk, benoemd, die zich moest verbinden zich goed voor te bereiden en tenminste zes jaren dezen dienst te vervullen.

Over dit korte stukje tekst is veel meer te zeggen.

Ik zal in dit eerste hoofdstuk achtereenvolgens ingaan op de financiering en de aanschaf van het orgel, de orgelbouwer, het uiterlijk en de dispositie van het orgel en de aanstelling van de eerste organist. Het hoofdstuk sluit af met een antwoord op de vraag of er toch niet eerder een orgel in de kerk heeft gestaan.