Vele handen maken licht werk

De dorpskerk in Vaassen is de komende maanden ‘under construction’.

VAASSEN – Het leek alsof ze een cursus ‘hoe ontmantel je in snel­treintempo  een kerk’ hadden ge­volgd.  Vrijwilligers van de her­vormde  gemeente Vaassen waren gisteren om acht uur begonnen met het strippen van het interi­eur  van ‘hun’ dorpskerk. Nauwe­lijks  twee uur later stonden de meeste kerkbanken – toch behoor­lijk  zware joekels van 4m20 lang ­al buiten. Het legertje van zo’n twintig vrijwilligers – in totaal hebben zich ruim veertig mensen opgegeven om hand en spandien­sten  te verrichten bij het vernieu­wen  van het interieur – had de vaart er goed in, ondanks dat de meesten zestig- en zeventigplus­sers  zijn. Er hebben zich zelfs drie vrijwilligers gemeld, die ‘vetera­nen’  zijn van 1962, toen het interi­eur  voor het laatst ingrijpend werd vernieuwd.

Op eerste paasdag nam de her­vormde gemeente Vaassen af­scheid van dat interieur, dat er dus zo’n vijftig jaar in heeft geze­ten. Met Pasen zijn voorlopig de laatste diensten gehouden in de kerk, die de komende maanden van binnen een gedaantewisse­ling  ondergaat. Het complete inte­rieur  wordt vernieuwd, op het or­gel  en het plafond na. Bedoeling is om de kerk meer een ontmoe­tingsruimte  te maken, die ook ge­schikt  is voor andere activiteiten, zoals lezingen en concerten. De kerkbanken zijn daarbij een sta-in-de-weg. Er komen dan ook stoelen te staan, waardoor een flexibeler opstelling mogelijk is.

Nog een in het oog springende verandering is de glazen portaal die wordt gemaakt aan de Dorps­straatzijde,  waardoor de kerk dus een tweede ingang krijgt. Verder krijgt de kerk de beschikking over een keuken, twee toiletten, een berging en een garderobe. Ook de technische installaties worden ver­vangen. Er komt vloerverwar­ming, een nieuwe verlichting en ‘beeld en geluid’ worden gemoder­niseerd. Op 22 september, zo is de planning, wordt het nieuwe interi­eur  in gebruik genomen.

Waarschijnlijk mede omdat het de laatste keer was dat ze de kerk in de ‘oude staat’ konden aan­schouwen, maar uiteraard ook om­dat het Pasen was, trokken de dien­sten  op eerste paasdag meer kerk­gangers dan normaal. Gemiddeld zitten er ‘s zondags tweehonderd tot tweehonderdvijftig mensen in de kerk, terwijl de hervormde ge­meente  Vaassen zo’n tweedui­zend leden heeft. Voor velen geldt dat aan het kerkinterieur allerlei  herinneringen zijn ver­knoopt. Aan huwelijken, doop­plechtigheden, maar ook aan rouwdiensten. Bij de avonddienst op eerste paasdag werd het af­scheid  gesymboliseerd door het naar buiten dragen van de paas­kaars.

Wellicht dat het een troost is dat zo’n dertig kerkbanken een twee­de  leven tegemoet gaan in een kerk in Oekraïne, die eveneens be­zig is om het interieur aan te pas­sen.  Via een Vaassenaar, die zich voor de banken meldde tijdens de kerkopenstelling rond de kerstda­gen, werden de contacten gelegd. Voor vijftien andere banken heb­ben  zich gemeenteleden gemeld, die ze om niet mogen hebben. Verder blijven acht banken in ge­bruik.  Wel gaan de oude laklagen eraf en worden vervangen door nieuwe.

De zes kroonluchters zijn wel ver­kocht, evenals de houten achter­wand  van de kerk, die bestaat uit houten, noestvrije planken van oregon pine. De planken gaan naar een botenbouwer in Vees­sen, die er masten van wil maken. Omdat ze noestvrij zijn, maar ook vanwege hun lengte zijn ze daar uitstekend geschikt voor. De grootste planken hebben een leng­te van 9m 30.

Dat het er rigoureus aan toe gaat bij de interieurvernieuwing blijkt uit het feit dat ook de (enigszins door houtworm aangetaste) vloer eruit gaat en de preekstoel komt straks ook niet meer terug in de vernieuwde kerk. Dat geldt echter niet voor het orgel, dat in 1821 werd gebouwd door Jacobus Arm­brost. Dat blijft in de kerk en wordt gedurende de komende maanden stofvrij ingepakt.
Dat het orgel de dans ontspringt bij de kerkvernieuwing komt om­dat  het een vrij bijzonder orgel is met een rijke geschiedenis. In eer­ste instantie werd het niet volle­dig  opgeleverd, omdat er niet ge­noeg geld voorhanden was voor al­le pijpen, die de duurste onderde­len vormen van een orgel. Pas na enkele jaren was er genoeg geld om het orgel af te bouwen.
In de loop van de jaren werd het oorspronkelijk mechanische orgel een aantal malen ingrijpend ge­wijzigd. Voor het laatst in 2002, toen de Zeeuwse orgelbouwer René Nijsse feitelijk een nieuw mechanisch orgel in de oude or­gelkas bouwde, waarbij gebruik werd gemaakt van een deel van het oude pijpwerk.

Voor het strippen van de kerk heeft de interieurcommissie, die de vernieuwing van het interieur in goede banen moet leiden, de periode tot 22 april uitgetrokken.
Na die tijd wordt de kerk het do­mein van de medewerkers van aannemer Van Laar.

Bron: De Stentor, 3 april 2013.